A098(2014) Advies Beoordeling verzoek om verlenging uitrijperiode dierlijke mest

pdf A098(2014) Advies Beoordeling verzoek om verlenging uitrijperiode dierlijke mest

De staatssecretaris van Economische Zaken heeft mede namens de staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu aan de Technische commissie bodem (TCB) gevraagd om advies uit te brengen over haar voornemen om de uitrijperiode voor dierlijke mest te verlengen tot en met 15 september 2014 en om uitstel te verlenen van de inzaaidatum van groenbemesters met twee weken. De TCB vindt dat het belang van de bodem zich verzet tegen de voorgenomen vrijstelling van het uitrijverbod voor dierlijke mest. Dit omdat het risico op uitspoeling van nutriënten groot is bij najaarsaanwending. De TCB verwacht dat bemesting met stikstof op grasland in de komende eerste twee weken van september de productiviteit van de laatste snede gras positief zal beïnvloeden, omdat nog maar weinig minerale stikstof in de bodem aanwezig is. Ook kan sprake zijn van een tekort aan kalium. Vanuit het oogpunt van plantenvoeding is daarom een late kalium- en stikstofgift gewenst, bij voorkeur met een kali- en stikstofkunstmest omdat met drijfmest ook fosfaat wordt toegevoegd. Daaraan is geen tekort, er is zelfs sprake van een ongewenst fosfaatoverschot. Daarnaast is ongeveer de helft van de met drijfmest toegediende stikstof niet direct opneembaar door het gewas omdat het organisch gebonden is. Voor de fosfaatarme dunne fractie na mestscheiding is dit nog zeker 30 procent. Deze organisch gebonden stikstof komt bij een najaarsaanwending te laat beschikbaar om nog door het gras te kunnen worden opgenomen. Hierdoor neemt het risico op uitspoeling van stikstof toe. Het (mest)beleid van de overheid gedurende de afgelopen jaren heeft een positief effect gehad op de waterkwaliteit, maar nog lang niet overal is de grond- en oppervlaktewaterkwaliteit op orde. De landbouw is de voornaamste bron van belasting van grond- en oppervlaktewater met nutriënten. Een stikstofgift in september is uit oogpunt van milieu daarom onverminderd ongewenst. Verlenging van de uitrijperiode helpt om de thans nog behoorlijk volle mestkelders te legen voor aanvang van het winterseizoen. Vanuit oogpunt van goede landbouwpraktijk en efficiënt gebruik van schaarse grondstoffen vindt de TCB dit echter ongewenst. Met mestverwerking wordt export van nutriënten buiten de Nederlandse landbouw mogelijk en zolang dit nog onvoldoende is ontwikkeld is uitbreiding van de opslagcapaciteit voor dierlijke mest nodig. Deze ontwikkelingen worden niet gestimuleerd door vrijstelling van het uitrijverbod. De TCB heeft geen bezwaar tegen uitstel van de inzaaiperiode voor groenbemesters. Groenbemesters hebben in het algemeen een beetje stikstof nodig om op gang te komen, maar daarvoor is geen drijfmest nodig, een kleine hoeveelheid kunstmeststikstof volstaat.

design by Het Lab | build by nieta