pdf A053(2009) Advies Uitwerking aanpak evaluatie Landelijk Meetnet effecten Mestbeleid

De TCB ziet een aantal mogelijkheden om de evaluatie van het LMM gerichter aan te sturen. Door te prioriteren op basis van beleidsbehoeften, ontstaat inzicht in de consequenties van de te maken keuzes. De informatiebehoefte vloeit vervolgens logisch voort uit de beleidsprioriteiten. Ook adviseert de TCB om te komen tot een programma van eisen waaraan de uit te voeren analyse door het RIVM en LEI moet voldoen.

De TCB beveelt aan om het Ministerie van Verkeer en Waterstaat bij de prioritering te betrekken. Hierdoor ontstaat een beleidsmatige koppeling tussen de Nitraatrichtlijn en de KRW. De TCB ziet tevens een meerwaarde in betrokkenheid van het natuurbeleid vanwege de samenhang met de NEC-richtlijn, met name met betrekking tot emissies van ammoniak en lachgas. De TCB vindt dat het fosfaatbeleid een hogere prioriteit verdient dan door VROM en LNV gegeven.

Ten slotte spreekt de TCB ten aanzien van het nitraatdieptemeetnet, waar zij an sich geen voorstander van is, haar voorkeur uit voor variant 3, die de nadruk legt op de kwaliteit van metingen. Dit is in lijn met het voorstel van RIVM en LEI. Daarbij gaat de TCB er van uit dat bij deze variant op een beperkt aantal bedrijven intensiever wordt gemeten ten behoeve van modelonderzoek. De TCB vindt een meetnet dat zich alleen richt op nitraat in het diepere grondwater niet efficiƫnt, omdat denitrificatie niet altijd duurzaam is. Om de efficiƫntie te vergroten, pleit de TCB voor een verbreding van de monitoring. Met aldus vergaarde informatie over zowel de positieve als de negatieve effecten van denitrificatie is een integrale afweging van effecten en maatregelen mogelijk.

design by Het Lab | build by nieta