pdf A101(2014) Advies Evaluatie covergisting

Begin 2013 hebben de staatssecretarissen van Economische Zaken en Infrastructuur en Milieu aan de Tweede Kamer toegezegd het beleid voor vergisting van reststoffen te evalueren. De Technische commissie bodem (TCB) levert een bijdrage aan de evaluatie met een advies over de risico’s van covergisting voor het milieu. Het advies is een van de inhoudelijke bouwstenen van de evaluatie die door de Commissie Deskundigen Meststoffenwet (CDM) wordt uitgevoerd, in samenwerking met uitvoerende diensten van de beide ministeries, RIVM en de TCB.
Verspreiding van verontreinigd digestaat als meststof op land wordt als het grootste milieurisico van covergisting gezien. Een toename van de gehalten van contaminanten via digestaat (of andere meststoffen) in de bodem is ongewenst en strijdig met het Nederlandse milieubeleid. Onderzoek van de NVWA heeft uitgewezen dat bij 14 van de 51 gecontroleerde vergisters de comaterialen niet voldeden aan de wettelijke eisen. In de comaterialen van deze vergisters werd het normniveau overschreden voor nikkel, chroom, zink, koper en dioxinen. De meetgegevens van de NVWA kunnen echter geen representatief beeld geven van de potentiële risico’s voor de bodemkwaliteit van illegale bijmenging van afvalstoffen in covergistingsinstallaties.
De problemen met covergisting liggen niet zozeer in de hoogte van de milieunormen of in de mate van overschrijding daarvan. Het probleem zit meer in het feit dat het lucratief is om afvalstoffen van onbekende herkomst en samenstelling illegaal bij te mengen in covergistingsinstallaties. De geconstateerde overtredingen van de regels voor covergisting geven steun aan een eerder pleidooi van de TCB om naast een positieve lijst van comaterialen ook eisen te stellen aan de kwaliteit van digestaat en hierop gericht te controleren.

design by Het Lab | build by nieta